Jaaropgave 2011
“Kunt u uitleggen waarom ik een jaaropgave 2011 van u ontvangen heb? Ik heb in 2011 namelijk helemaal geen uitkering van jullie ontvangen!”
Dit is de vraag die ons het meest bereikt nadat wij de jaaropgaven verstuurd hebben.
Wij begrijpen de verontwaardiging. Daarom zullen wij proberen om op simpele wijze uit te leggen waarom u een jaaropgave 2011 van ons ontvangen heeft. Daarbij zullen wij u enkele handreikingen bieden.
In een eerder stadium, dat kan zijn in het jaar 2010 of misschien wel 2009 of zelfs daarvoor, heeft u een uitkering voor levensonderhoud van ons ontvangen. Oftewel, een renteloze Bbz-uitkering levensonderhoud. Deze uitkering hebben wij dus in eerste instantie aan u verstrekt als renteloze lening. (Over een renteloze lening worden geen afdrachten gedaan aan de Belastingdienst).
In de loop van het volgende jaar zijn uw bedrijfsresultaten bekend. Die resultaten hebben dus betrekking op het jaar waarin wij de uitkering aan u verstrekt hebben. Wij kunnen daarom achteraf pas exact berekenen of de uitkering die u van ons ontvangen heeft, terecht was. De berekening die wij dan uitvoeren wordt de definitieve vaststelling (om niet) genoemd.
Als u een jaaropgave 2011 van ons ontvangen heeft, dan is uw renteloze uitkering levensonderhoud in het jaar 2011 definitief vastgesteld. Let op: de jaaropgave heeft echter geen daadwerkelijke betrekking op 2011 maar op de periode waarin u de renteloze uitkering levensonderhoud van ons ontving!
In de toekenningbeschikking van de renteloze Bbz-uitkering, welke u in een eerder stadium van ons ontvangen heeft, kunt u terugvinden over welke periode de uitkering aan u toegekend is. De beschikking van de definitieve vaststelling heeft u in 2011 van ons ontvangen en daarin staat tevens vermeld over welke periode de definitieve vaststelling 2011 heeft plaatsgevonden.
Bij het definitief vaststellen van uw uitkering verwerken wij uw uitkering (op de achtergrond) nogmaals in ons geautomatiseerde systeem, maar dan als uitkering waarin uw bedrijfsresultaten over het betreffende jaar zijn meegenomen. Bij het verwerken van deze gegevens worden nu wel alle afdrachten aan de Belastingdienst gedaan en wordt de uitkering nu dus wel een belast!
Het gevolg hiervan is dat u naar aanleiding van die administratieve handeling een jaaropgave ontvangt.
Een voorbeeld:
U ontving van ons een renteloze uitkering levensonderhoud over de periode 01-04-2009 t/m
31-03-2010 (fictieve periode) dan ontvangt u een jaaropgave 2010 met betrekking tot de periode
01-04-2009 t/m 31-12-2009 en het jaar daarop een jaaropgave 2011 met betrekking tot de periode
01-10-2010 t/m 31-03-2010.
De uitkering over 2009 is in dit voorbeeld dus in 2010 definitief vastgesteld n.a.v. de behaalde bedrijfsresultaten over 2009. De uitkering over 2010 is in 2011 definitief vastgesteld n.a.v. de behaalde bedrijfsresultaten over 2010.
Omdat u een jaaropgave 2011 van ons ontvangen heeft, heeft u voor de Belastingdienst in 2011 inkomsten genoten. Dit kán nadelige financiële gevolgen voor u hebben. Zo kan het zijn dat u in 2011 ook inkomsten uit arbeid genoten heeft. Hierdoor wordt het totale inkomen over 2011 hoger dan verwacht en kan het voorkomen dat u heffingskortingen moet terugbetalen aan de Belastingdienst.
U kunt de Belastingdienst op dat moment verzoeken te ‘middelen’. Hoe dit werkt leest u kort in de bijlage bij de jaaropgave en kunt u vinden op de site van de Belastingdienst. Een andere mogelijkheid is wellicht het schrijven van een ‘Verzoek om een navorderingsaanslag <jaar> zonder boete’.
Laatstgenoemde optie werd ons aangeleverd in de loop van 2011 alwaar de Belastingdienst positief op beslist heeft. Let wel, de in de brief vermelde jaartallen én de bedragen moet u zelf aanpassen aan uw eigen situatie en bieden u geen zekerheid.
Betreft: Verzoek om een navorderingsaanslag <jaar> zonder boete
Geachte heer/mevrouw,
Gedurende de jaren 2009 en 2010 is door ons een inkomen genoten op het sociaal minimum.
Door de afrekening achteraf in 2010 van de in 2009 als renteloze lening verstrekte Bbz-uitkering, is een ‘dubbele’ jaaropgave ontstaan over 2010. Er is aan ons in 2009 een bedrag aan renteloze lening verstrekt van € 10.121,51.
Nadat eind 2010 bij de definitieve vaststelling op grond van artikel 12 van het Bbz omzetting heeft plaatsgevonden in bijstand om niet, bedraagt de jaaropgave 2010 voor ons gezamenlijk in totaal
€ 15.220,- bruto, € 5.100,- loonheffing. De jaaropgave 2010 bedraagt voor ieder van ons afzonderlijk
€ 7.610,- bruto en € 2.550,- loonheffing.
Ter voorkoming van alle onbedoelde inkomenseffecten, zoals het verliezen van recht op zorg- en huurtoeslag, verzoeken wij u om de in 2009 ontvangen Bbz-uitkering in de vorm van een renteloze lening toe te rekenen aan het jaar 2009.
Bij deze doen wij daarvoor een verzoek om een navorderingsaanslag 2009 zonder boete.
Ik verzoek u vriendelijk om mij telefonisch te informeren wanneer deze brief u bereikt heeft.
Het Zelfstandigenloket Flevoland van de gemeente Lelystad heeft aangegeven tot nadere toelichting bereid te zijn.
Hoogachtend,
………………
De opties die wij hier vermelden ten aanzien van uw totale inkomsten over 2011 bieden dus geen zekerheid. Wij kunnen u dus niet garanderen dat de Belastingdienst hier zondermeer mee akkoord zou gaan. Het zijn vanuit onze kant enkel handreikingen die u mogelijk kunnen helpen met het voorkomen van financiële nadelige gevolgen n.a.v. van de jaaropgave 2011.
Mocht u nu nog vragen hebben dan verzoeken wij u vriendelijk die schriftelijk aan ons te stellen. Voegt u daar a.u.b. ook de kopie(ën) van de jaaropgave(n) 2011 bij. Op die manier weten wij zeker om welke gegevens het precies gaat. U ontvangt dan zo spoedig mogelijk antwoord van ons.
Als u nog vragen heeft, dan kunt u uw vraag schriftelijk, inclusief een kopie van de jaaropgave(n) 2011, bij ons indienen. Uw vraag zal dan zo spoedig mogelijk beantwoord worden.
Gemeente Lelystad
Zelfstandigenloket Flevoland
Postbus 2236
8203 AE LELYSTAD